Zeilen met een handicap – Zij kan niet zien en hij kan niet lopen

Wij zeggen, iedereen moet kunnen zeilen en iedereen kán ook zeilen. Je kan veel meer dan je denkt, maar daar moet je wel je stoel voor uit durven komen.

Zij kan niet zien en hij kan niet lopen – Zeilen editie 7, juli 2021 (locatie Uitgeest)

Bron: Zeilen editie 7, juli 2021
Tekst: Wieke van Oordt
Wat: Sailibility Uitgeest www.sailability.nl
Voor wie: mensen met een beperking

Zij kan niet zien en hij kan niet lopen. ‘En samen zijn ze een prima zeilduo. We hebben ook een deelnemer met een hoge dwarslaesie. Hij kan niet meer zelfstandig eten, maar hij kan wél varen. Speciale joystick, hè.’ Tevreden kijkt Bert Wessels naar de Hanse-boten, die liggen te schommelen aan de steiger. Het is zondagmorgen, nog geen tien uur en de wind jaagt op deze maartkoude ochtend door de haven. Bert is coördinator van de vrijwilligers van Sailability Uitgeest, een stichting die zeilen mogelijk maakt voor mensen met een handicap. De organisatie bestaat vijftien jaar in Nederland, heeft nu 20 opstappunten en daar komt er hopelijk elk jaar nog één bij. Op die plaatsen kunnen deelnemers in het vaarseizoen elke twee weken een paar uur in een zeilboot stappen, eventueel met een vrijwilliger en onder toeziend oog van een volgboot. Het idee komt uit Australië. Een huidig bestuurslid van Sailability Nederland, zag daar hoe vrijwilligers met mensen met een handicap zeilden in Hanse-boten. Terug in ons land, zette hij het hier ook op. ‘De boten zijn ontwikkeld voor de Aziatische markt,’ vertelt Bert. ‘Klein, maar ze gaan niet om en kunnen niet zinken.’

Wedstrijd
Het duo waar hij op doelt, komt de haven in. Eerst straalt Marjolein P.  op ons af, zeiltas over haar schouder en een lange, witte stok in haar rechterhand. ‘We mogen weer!’ Het heeft lang geduurd. Het is de eerste keer van het seizoen dat ze het water op gaan en dat na een stil coronajaar. Op haar shirt staat ‘Y-torenrace’. Die heeft ze jarenlang georganiseerd. Of ze een echte wedstrijdzeiler was? Absoluut. Altijd al geweest, ze begon in een twaalfvoets jolletje. Fijn dingetje. En dan dus de clubwedstrijden, de woensdagvondcompetitie en de landelijke wedstrijden. Toéren? Wil ik weten of ze ook wel eens zomaar ging varen? Dus als er nauwelijks of geen wind is? ‘Nee.’

Motor
De andere helft van het duo rijdt de steigers op. Johan S. koppelt de voorste helft van zijn fiets af, waarna de rest als rolstoel overblijft. Hij komt uit Alkmaar, 21 kilometer hier vandaan. Ver? Welnee. Hij is een keer naar Zwitserland gefietst. Dat was pas ver. Hij was toen wel met een andere fiets overigens, eentje waarbij je tussen de wielen zit in plaats van erboven, zoals met deze, want anders kom je de bergen niet op. ‘De SV-14 is niet in het water, hè? Jammer.’ Hij vaart het liefst met zijn vaste zeilpartner, Marjolein dus, in deze, wat grotere boot. ‘Die gaat sneller.’ Johan was altijd al zeiler en fervent motorrijder. Na zijn motorongeluk, heeft hij gezeild tot het niet meer ging. ‘Wanneer ik het leuk vond, zo veel mogelijk vaart uit je boot halen, tot het niet meer kon. En wanneer het wel kon, bij lichter weer, dan wilde ik het niet. Toen ben ik er maar mee opgehouden. Tot nu.’

Tillift

De deelnemers worden zo nodig met een tillift in de boten gehesen en gaan dan in tweetallen het Uitgeester en Alkmaarder meer op. Ik stap in de volgboot. Aan het roer staat Jeroen, die twaalf jaar geleden als vijftienjarige jongen door de polder aan kwam fietsen om zich te melden als vrijwilliger. ‘Ik zocht eigenlijk een vakantiebaantje, maar zag dit en ben gebleven.’ Wat hij hier vindt? Mensen met een glimlach weg zien gaan na een mooie dag op het water natuurlijk. Dat is toch prachtig? Nee hoor, het kan hem niet schelen dat hij een van de jongsten is. ‘Gaat ie lekker daar?’ Met een noodvaart schiet er een paarse Hanse voor ons langs.

Site

Ik draai me naar een jonge vrouw, die ook in de volgboot zit. ‘En hoe kom jij hier terecht?’ Ze is nieuw en vandaag in opleiding als vrijwilliger. Haar antwoord komt twee keer niet boven de motor en de golven uit, maar dan hoor ik wat ze zegt. ‘Beverwijk en Heemskerkers voor elkaar.’ Er blijkt een website waar vrijwilligers en vrijwilligerswerk elkaar vinden. Een markplaats voor liefdadigheid, een koppelsysteem voor wie iets voor een ander wil doen. Ook de andere vrijwilligers die ik later spreek, hebben op deze site gekeken. Honden uitlaten, de kinderboerderij. Je kan overal vrijwilligen. ‘Er is ook een oude mevrouw, waar ik af en toe ga afwassen. Super leuk, toch?’

Durf
Bert vertelt dat Sailibility eigenlijk floreert. Er zijn genoeg vrijwilligers, zeker op deze locatie en er zijn de financiële middelen om een en ander te ondersteunen. ‘Fondsen, donatie, inzamelingen en er is een zekere bank die ons af en toe sponsort. Ik zeg niet welke, maar we varen vandaag met Rabootje 1 en Rabootje 2.’ En dan is er nog Schiphol dat geld geeft vanuit een compensatiefonds voor gebieden onder en naast de start- en landingsbanen. Nee, geld is het probleem niet, maar hoe komen ze aan meer deelnemers. Dat is wat hij wil weten. Ze delen folders uit en staan dus op sites, maar er moet meer bekendheid komen. ‘Het zou ook zo goed zijn voor mensen met een beperking,’ vindt Bert. ‘Zeilen, maar gewoon sowieso sporten. Wij zeggen, iedereen moet kunnen zeilen en iedereen kán ook zeilen. Je kan veel meer dan je denkt, maar daar moet je wel je stoel voor uit durven komen. En dát is vaak het probleem.’

Uitje
‘Het is voor ook echt een uitje,’ zegt de vrouwelijke helft van een vrijwilligersechtpaar, waar ik, terug op de kade, kennis mee maak. ‘Al helemaal vorig jaar, toen we door corona zelf niet op vakantie konden.’ Ze kijken er naar uit en hebben zich opgegeven voor elke zondag dat er hier wordt gevaren. Of ze zelf kunnen goed zeilen? ‘Ehhhh, dat leren we hier!’ Vooral ook de voorrangsregels zijn handig om te weten, zodat boten niet als een blind paard de vaargeul over steken bijvoorbeeld.

Kluts
Zelf zeilde Bert veertig jaar, maar moest zijn boot verkopen. Hij kreeg zelf een aantal tia’s. ‘Ik was echt de klus kwijt, heb dagen zeeziek op de bank gezeten en het heeft anderhalf jaar geduurd voor het normaal was. Maar zodoende dus, kwam ik op het idee om te kijken hoe zit het als je wat mankeert, kun je dan nog ergens zeilen.’ Hij doet het nu elf jaar hier en het is therapeutisch. Voor iedereen hier.’